Op een rondvaartboot gaan alle bruggen voor je open

Geplaatst op:
Op een rondvaartboot gaan alle bruggen voor je open

In de vakantierubriek ‘toerist in Stad’ duiken we in de rol van dagjesmens. Wat valt er hier te doen? Vandaag: we maakten een rondvaart door de stad en alle bruggen gingen voor ons open.

Als we de boot van rondvaartbedrijf Kool betreden, is de boot goed gevuld. Een bonte mengeling van jong en oud. Engelsen, Duitsers – onmiskenbaar te herkennen aan hun bierglas, ondanks dat het net elf uur ’s ochtends is geweest -en een handvol Nederlanders.

In drie talen worden we welkom geheten en respectievelijk een ‘schone Fahrt’, goede vaart en ‘a nice journey’ toegewenst. Motoren aan, en we vertrekken.

 

Andere blik op de stad

Het grappige aan een boottocht is dat je je eigen stad op een hele andere manier gaat bekijken. Om te beginnen is er de ligging: je ligt meters lager dan je doet als je op de fiets van a naar b gaat. En dus zie je de stad op een hele andere manier.

Neem nou de Werkman-brug waar je altijd op moet wachten als je naar het station fietst als er een boot aankomt: vandaag zijn de rollen omgedraaid en gaat de brug speciaal voor ons open. En dat voelt al heel bijzonder. In de Westerhaven worden we bij elke brug steevast begroet door een luide bel, teken dat de boot door kan terwijl fietsers op ons moeten wachten.

Onze rondvaart brengt ons langs alle vier de havens die de stad telt, en in drie talen krijgen we uitleg over de omvangrijke scheepvaarthistorie van Groningen. Zoals het verhaal achter de zeven stadspoorten die hier ook stonden, over de oude functie van de Aa en de bedrijvigheid in en rondom de Pottenbakkersrijge, honderden jaren geleden.

 

Zwaaien

Een leuk detail: we zijn niet de enigen op het water. Onderweg treffen we van alles en nog wat op het water, van kleine sloepjes tot grote boten, Dagjesmensen en chillende studenten: allemaal zwaaien ze vriendelijk naar andere gebruikers van het water, zeg maar net zoals buschauffeurs dat op de weg doen.

In de Noorderhaven vallen de honderden woonboten op. En wat ook opvalt: allemaal zijn ze uniek aangekleed. De één met een geïmproviseerd tuintje, de ander met kratten bier die herinneren aan het feestje van de dag ervoor.

We krijgen te horen dat veel boten worden bewoond door studenten en we zien er de charme wel van in, zo’n drijvend studentenhuis. Al zal het voor sommige bootbewoners soms voelen alsof ze in de kijker staan met al die rondvaartboten, getuige het bord ‘niet zo loeren’ wat is aangebracht op één van de schepen.

 

Met de hand gegraven

In de Oosterhaven krijgen we het indrukwekkende verhaal te horen over hoe de haven ooit met de hand werd gegraven toen de verbinding met Delfzijl werd gemaakt. Om de scheepvaarroute beter te laten zien, geeft de kapitein vol gas en broezen we in een snelle vaart over het Eemskanaal, waar de bekende slaapboot opeens reusachtig lijkt.

De stad verdwijnt in onze rug, totdat we een rondje maken bij de Abel Tasmantoren en weer richting stad varen. Het uitstapje nadert het einde.

Als we de binnenstad weer binnen varen krijgen we, hoe kan het ook anders, nog even het verhaal van de Dronkenmanstoren. Langs de Oosterpoort varen we, onder de herebrug door, en keren weer terug op de plek waar we een uur geleden begonnen.

Schöne Fahrt gehad?”, vraagt de bemanning ons. “Jawohl“, denken we. “Es macht Spaß.”