In het Soephuisstraatje was ooit een huis met soep (echt waar)

Geplaatst op:
In het Soephuisstraatje was ooit een huis met soep (echt waar)

In ‘straatnaamverhaal’ gaan we op zoek naar de verhalen achter bekende straatnamen. Zoals het Soephuisstraatje, waar vroeger de soep gratis werd weggegeven aan de allerarmsten.

Wie vanuit de Zwanenstraat per ongeluk een verkeerde afslag neemt, komt terecht in het Soephuisstraatje. Een piepklein steegje, eigenlijk te klein voor het predicaat ‘straat’. Voetgangersgebied, maar eigenlijk voornamelijk in gebruik door buurtbewoners om hun stalen ros te stallen.

Wel een prima plek om te wonen lijkt ons zo, getuige ook het grote aantal kamers wat je hier volgens Google kunt huren. Middenin het centrum, alles wat je nodig hebt dichtbij. Kon minder. Maar voor de rest? Voor de rest is het een straatje waar je eigenlijk niks kunt beleven. Twee eeuwen geleden was dit wel anders, want toen stonden de Stadjers hier rijendik te wachten op een gratis maaltijd.

Lees ook:  De 5 thema's die de verkiezingen gaan bepalen

Wie arm is had honger

vrijwilligers commissie van spijtuitdeling

Begin negentiende eeuw hadden Stadjers het niet makkelijk. Het verschil tussen arm en rijk was zo mogelijk groter dan nu; en het wonen in een stad was de enige oplossing voor wie zich geen woning in de Ommelanden kon veroorloven. Wie in de stad woonde was arm, en wie arm was had honger.

Eind 1802 ontstond de Commissie van Spijsuitdeling: een particulier initiatief om de ergste honger onder Groningers op te lossen. De gegoede burgers zorgden in de wintermaanden voor voedsel en deelden dat in de wintertijd uit aan de armsten. Een voedselbank uit de Franse Tijd, als je het zo noemen wilt.

Twee soepketels

De armlastigste Groningers werden geholpen door soep (en later brood) uit te delen om zo de ergste honger te stillen. Voor deze soep had de commissie twee grote soepketels, elk met in inhoud van een dikke duizend liter; goed voor tweeduizend flinke porties. Geplaatst bovenin gemetselde ovens, gestookt met turf.

De Commissie werkte de eerste jaren vanuit het Prinsenhof, maar kreeg eind negentiende eeuw een eigen pand aan de Zwanenstraat. De soep werd gemaakt in het achterhuis van een pand die – je voelt hem al aankomen – uitkeek bij wat we nu het Soephuisstraatje noemen.

Heel smakelijk moet het niet zijn geweest, want men maakte een simpele plattelandssoep waarin rundvlees, kool, gort en aardappels de belangrijkste ingrediënten waren. Niet heel smakelijk, maar wie honger had die klaagde niet. Later werd een iets meer smakelijk klinkende erwtensoep toegevoegd aan het menu. Want het is wel zo fijn als er iets te kiezen valt.

Commissie bestaat nog steeds

Een grappig detail: de Commissie van Spijsuitdeling bestaat anno 2018 nog steeds. Soep wordt er al lang niet meer gemaakt, maar er worden giften verstrekt voor activiteiten en projecten in Groningen. Ook organiseert men elk jaar de zoektocht naar de SuperStadjer, waarbij heldhaftige vrijwilligers de eer krijgen die ze verdienen.

De naam van de club is eigenlijk al lang niet meer relevant, maar wordt nog steeds gebruikt als knipoog naar het rijke verleden van Groningen. En het Soephuis? Ook die bestaat nog steeds. Zwanestraat 12, tegenwoordig retaurant Olympia. Mét soep op de menukaart.

Lees ook:  Christien de Ruiter is de SuperStadjer van 2017